dinsdag, februari 03, 2009

Kalkoen

Dankzij de inzet van de twee broers Goddeeris weten we nog hoe de 16e eeuwse kalkoen eruit moet hebben gezien. De Ronquieres-kalkoen en de Ardenner rode kalkoen zijn vrijwel niet veranderd. Dankzij een vernuftig fokprogramma kunnen we nu dus weer van deze kalkoenen genieten. Heb nog geen adresje kunnen ontdekken waar ze ook voor je geslacht worden. Het schijnt vooral belangrijk ze in leven te houden. Boudewijn en Bruno G. vonden op de markt in Mol en Retie nog enkele originele exemplaren, waarmee ze aan het terugfokken zijn geslagen. Driekleurige kalkoenen in de variaties Hermelijn, Vale en Patrijs. Dit is de patrijs. Lijkt wel heel erg op die van de Beuckelaar. In Belgie sierden deze vogels de parken van de graven van Arenberg in Enghien op. In 1550 was Ronquieres een klein boerendorpje, dat tot de bezittingen van de heren van Enghien behoorde, en tot het diocees van Namen. In 1446 stelt de heer van Enghien een stuk terrein ter beschikking aan de boogschutters, als exercitieruimte. Zij komen jaarlijks bijeen om te oefenen. En volgens de overlevering zijn zij het die tussen 1650 en 1700 de kalkoeneneieren hebben uitgebroed. Dat lijkt mij rijkelijk laat, het is vast een eeuwtje eerder gebeurd. Tenslotte dateren die schilderijen van Beuckelaer uit het midden van de 16e eeuw, en dat lijken me geen exclusieve adellijke vogels uit het park. Eerst worden de kalkoenen halfwild gehouden, in groepjes van twintig. Uiteindelijk zelfs in kuddes van honderd stuks, met behulp van twee honden en een kalkoenenhoeder of hoedster. Wonderlijke dingen kun je toch oppikken via Google.





Labels:

0 reacties:

Een reactie plaatsen

Aanmelden bij Reacties plaatsen [Atom]

<< Homepage