vrijdag, juni 26, 2009

Fluitje


Dit bijna volledig benen fluitje kwam in de onderste laag van het Aurignacien in de Hohle Fels in het Achtal, ongeveer twintig kilometer ten westen van de Duitse stad Ulm tevoorschijn. Archeologen van de universiteit Tubingen, onder leiding van professor Nicholas Conard groeven het muziekinstrument vorig jaar op.

Er werden ook nog resten van een drietal ivoren fluitjes gevonden uit een latere periode, maar het benen fluitje is wel het leukste en niet alleen omdat het zo compleet is. Het is bijna 22 centimeter lang en heeft een diameter van 9 mm. Vijf gaatjes voor de vingers en een V-vormig mondstukje bieden de speler tal van mogelijkheden voor het produceren van melodietjes.

Het fluitje is gemaakt van een spaakbeen van de vale gier (Gyps fulvus). Deze vogel heeft een spanwijdte tussen de 2 meter 30 en 2 meter 65 en het spaakbeen is dus heel geschikt voor het maken van langere fluiten. De vale gier en soortgenoten kwamen in het jongpaleolithicum in de Zwabische grotten voor.

Het fluitje is gevonden in een laag vondstenmateriaal waarin ook veel vuursteenafslagen, bewerkte botten, ivoor, de botten van paarden, rendieren, mammoeten, holenberen en steenbokken, naast verbrande botten. Producten die de moderne mens achterliet tussen 40.000 en 30.000 jaar geleden. Het fluitje is rond 35.000 jaar geleden gemaakt. Het lag overigens maar 70 centimeter verwijderd van de Venus van Holhe Fels, waar ik eerder op dit blog over berichtte.

Wat voor muziek zouden ze er op gespeeld hebben? Wat zijn de mogelijkheden van een dergelijk fluitje? Dat vraagt om experimentele muziekarcheologie. Iemand nog een vale gier in de aanbieding?

Het fluitje maakt onderdeel uit van een expositie de IJstijd – kunst en cultuur, die vanaf 18 september in Stuttgart te zien is.

Labels:

0 reacties:

Een reactie posten

Aanmelden bij Reacties posten [Atom]

<< Homepage