woensdag, juni 30, 2010

Eenvoudig noch voedzaam


In de Spiegel der Vaderlandsche Kooplieden van Pieter Langendijk uit 1760 betreurt een oude vader de spilzucht van zijn kinderen, die hem weldra in het oudemannenhuis zullen doen belanden als het kapitaal erdoor is gejaagd. De jongere generatie kleedt zich naar de laatste mode, maakt snoepreisjes om zich in Berlijn aan de hofcultuur te vergapen en richt feestmalen aan op zijn Fransch. De oude vader vertelt waarom soberheid beter is:

My is verhaald dat er een deftig aanzienlyk Heer is geweest,
Die al zyn Neven en Nichten genood had te feest.
Zy kwamen met koets en paarden voor de deur: altemaal in prachtige klederen.
Hy ontfing ze minnelyk, en stelde ze op de eetzaal in ryen en gelederen.
Als hy de Dames een welkomkusje gegeven had, werden ze elk naar rang aan de tafel gebragt. Daar niets op stond. Als men enigen tyd had gewagt,
Werden er geen andere schotels opgedischt dan met gort, water en bry, en boekweiten koeken.
De Dames trokken de neuzen op, en zeiden: Heeft Oom ons op zulke misselyke kost laten verzoeken?
Ja, Kinderen, (sprak de Tractant:) Door het eten van zulke spys hebben onze Voorouders hun rykdom vergaard.
De zuinigheid en naarstigheid van de oude Hollanders was by alle naties vermaard.
Zo is ons Land opgekomen; zo is het magtig geworden om zyn Vyanden te overwinnen.

Toen die spys afgenomen was, werd er niets opgedischt dan kalfs- en schaapennat.
Snybonen, worst, grauwe erwten, gebraden kalfsborsten en harsten.
Sommigen peuzelden daar wat van: maar anderen schenen te vrezen dat ze er aan zouden barsten.
Zie daar, (sprak de Oom,) zo hebben de Families malkander in vroeger tyden geregaleerd:
En toen zyn de Kooplieden in ons Land zelden achteruit geteerd.
Zy zonden meerder schepen in zee dan nu; zy negotieerden met winst op alle kusten.
Men bleef in staat om gehele vloten uit te rusten.
Wy werden benyd en gevreesd, en om onzen handel by alle volken geacht.

Dat geloven wy wel, Oom; (sprak een der nichten:) maar wy hadden een ander tractement verwacht.

Deze spys mede afgenomen zynde, zag men er fazanten, patryzen, en kostbaar wild verschynen,
Piramiden met banket en confituren, Florentynsche, Rinsche en andere keurlyke Wynen.
Fluks geraakte men aan het eeten en drinken, onder geluid van een heerlyk muzyk.

Labels:

dinsdag, juni 29, 2010

Nederig vriendenmaal


Duurzaamheid vroeger was een kwestie van spaarzaamheid en zuinigheid. Zo beschrijft Justus van Effen in zijn Kobus en Agnietje, een oudhollandse burgervrijagie uit 1733 hoe een maal eruit ziet - een beetje hertaald:

(...) alles was op zijn burgers even ordentelijk. Het tafellaken fijn en ruim, en de servetten fraai geplooid en binnen ieders bereik enig wittebrood. (...) Het eerste gerecht werd opgedist, bestaande alleen uit een zeer grote schotel potagie van een kalfsschenkel met balletjes, saucijzen enzovoort. (...) Goede wil met heus gelaat gaf vreugde aan dit onthaal en prikkelde de smaak op het nederig vriendenmaal. (...)

De koude resten van dit maal komen bij het avondeten opnieuw op tafel, nadat men de middag had doorgebracht met een kaartspelletje. Het koude vlees gaat vergezeld van brood en kaas, bokking, een hammetje en een salade, met daarbij schaaltjes rozijnen en amandelen. Allemaal voedingswaren die goed te bewaren zijn - op de salade na - en dus keer op keer weer op tafel kunnen verschijnen in een nieuwe samenstelling.
Hollandse spaarzaamheid, die we nu duurzaam zouden noemen.

Labels:

maandag, juni 28, 2010

Wasdag



Maandag wasdag, zo was dat vroeger toen de wasmachine nog geen dagelijkse wasjes voor ons draaide op ieder uur van de dag of nacht. Hier zie je nog wel op maandag de waslijn vol hangen met wapperende hemden, overalls, sokken, broeken, doeken, lakens, slopen. Met dit weer is alles zo droog. Van vroeger kan ik me nog herinneren dat er ketels op het vuur stonden, waarin de was gekookt werd. We erfden met het huis twee van die ketels, waar jarenlang het kippenvoer ratvrij in heeft gezeten.
Voor zeep had je een klopper van gaas, waarin je een stuk zeep door het water sloeg om een sopje te fabrieken. Energie en tijdrovend karwei, de was van toen.

Op wasdag werd er dus eenvoudig gegeten, want moeder had het druk. Restjes of kliekjes, opgebakken aardappelen, een blik soep, vla van de melkboer. Restjes verwerken wij meestal tot een boerenomelet. Ook snel op tafel en smakelijk.
Restjes weggooien was er niet bij in een gezin waarvan de moeder nog tegen de hongerwinter aanleunde. Maar op zich is het weggooien van eten natuurlijk weinig duurzaam. De middeleeuwse keuken was trouwens vooral een restjeskeuken. Het grote gebraad ging niet in een keer op, de restjes kwamen de volgende maaltijd weer op tafel, koud, of opgewarmd, met een ander sausje. Morgen meer over de tijd toen duurzaamheid nog zuinigheid was.

Labels:

zaterdag, juni 26, 2010

Helemaal schoon

Blog en website zijn weer helemaal schoon dankzij alle inspanningen van Tim. Reageren kan niet meer op de oude manier. Wie met mij wil communiceren kan dat rechtstreeks via de mail doen. Fijn om van de ellende af te zijn en wat akelig dat sommige mensen er vreugde in scheppen om mooie dingen kapot te maken. Dit weekend gaan we genieten van de zon en de rozen en de aardbeien - er is een aardbeienfeest in Zaltbommel - maandag weer fris en fruitig aan de slag. Want plaatjes erbij zetten, dat lukt nog even niet.

Labels:

donderdag, juni 24, 2010

De moestuin van Jefferson


Nadat Michelle Obama met haar entree in het Witte Huis een flinke moestuin liet aanleggen, was de trend gezet. Het is ook een prachtig initiatief, al zie ik het hier niet zo gauw gebeuren bij onze Oranjes. De combinatie van moes- en siertuin is natuurlijk heel goed te maken, veel groenteplanten zijn immers uiterst decoratief. Leuker is het natuurlijk om in plaats van uniforme modetuintjes een inrichting naar eigen smaak (letterlijk!) te kiezen. Want wie niet van spruitjes houdt, hoeft ze ook niet in de tuin, al zijn ze prachtig paars. Ook een optie: maak een tuin die past bij de bouwstijl en het bouwjaar van je huis. Inclusief de groente en fruitrassen uit die tijd. Dat geeft ook al een leuk en gevarieerd beeld. Eerherstel voor de parktuin, de bielzentuin en de rotstuin. Ik heb natuurlijk ook graag de oude groenterassen terug in het beeld. In Amerika hebben ze nu pakketjes om de moestuin van President Jefferson na te bouwen. Waar blijft hier de creatieveling met pakketjes Huis ten Bosch, Paleis Soestdijk, of Het Loo?

Labels:

woensdag, juni 23, 2010

Bonifatius en Oudengels



Bonifatius werd volgens de geschiedenisboekjes 5 juni 754 bij Dokkum vermoord. Hij kwam uit Zuid-Engeland om de Friezen tot het Christendom te bekeren. Die stelden dat dus maar matig op prijs, zeker dat hakken in die heilige bomen was geen goed idee. Bonifatius kwam uit Zuid Engeland en sprak dus Oudengels. Acteur Jan Decleir die de rol van de zendeling speelt, spreekt die taal ook. In de nieuwsbrief van de Universiteit Leiden lees ik dat hoogleraar Rolf Bremmer voor de Oudengelse en Oudfriese teksten zorgde voor de film De Schaduw van Bonifatius.


Bremmer – universitair hoofddocent Engelse Filologie en bijzonder hoogleraar Fries – zette alle teksten van Bonifatius in het Oudengels om en hertaalde de dialogen van diens leerling Gregorius en hun Friese tegenspelers in het Oudfries. En passant legde hij Bonifatius ook nog wat Latijnse psalmregels in de mond.

Bremmer: Oudengels is – de term zegt het al – de oudste vorm van het Engels. Het werd gesproken en geschreven tussen 700 en 1100. Anders dan op het Europese vasteland werd de Engelse volkstaal in die tijd volop gebruikt voor allerlei doeleinden. Dat varieerde van wetten en medische verhandelingen tot preken en heldenliederen. Alleen, die taal is niet meteen toegankelijk voor ons. In de loop van de geschiedenis is het Engels zo drastisch veranderd dat wie Oudengels wil leren zich een nieuwe taal moet eigen maken.

Dinsdag 29 juni gaat in Amsterdam De Schaduw van Bonifatius in première op het eindexamenfestival van de Nederlandse Film en Televisie Academie. Later is de film te zien tijdens het Nederlands Film Festival in Utrecht in september en oktober en daarna zendt de AVRO de film uit op televisie. Ik voorzie ook een rondje langs de filmhuizen.
De website van De schaduw van Bonifatius is beschikbaar vanaf 29 juni.

Labels:

dinsdag, juni 22, 2010

Meer Kersen



Kersen zijn gezond. Het verschilt een beetje per soort. Per honderd gram bevatten ze 65 Kcal, 15 gram suiker, iets meer dan een gram proteinen, en een halve gram vet. Voor tachtig procent bestaat de kers uit water en ze bevatten maar 2 gram vezels. 250 mg kalium, 20 mg calcium, 0,5 mg ijzer, 12 mg magnesium, 400 mcg betacaroteen, 15 mg vitamine C, wat B en E. De kers zit vol anthocyaniden, vandaar de mooie kleur.
Doet het nog wat in ons lichaam? Ja, een tikje vochtafdrijvend. Vooral de steeltjes worden voor dat effect gebruikt. Nooit geprobeerd overigens.
De kers is trouwens ook goed voor mensen met artritis en reumatische vingertjes.

Labels:

maandag, juni 21, 2010

Kersen



De eerste kersen komen hier uit de boomgaarden, het houdt nog niet over, maar een weekje stralende zon zal daar verandering in brengen. Nu zijn de kersen nog niet helemaal op smaak. Leuk om mee te prutsen dus. We maken geglaceerde kersen volgens een 18e eeuws recept. Bij gebrek aan zon zetten we de kersen in de Costa Elektrica.

Geglasseerde Karssen

Wat suyker met water gesmolten, tot het stroop is. De kersen daar in gedoopt en die in de son op een schoon pampier laaten droogen.

Heel eenvoudig en erg smakelijk bij een warme kop chocolade met dit weer.

Labels:

zondag, juni 20, 2010

Liszt


Hoe verder ik kom in de biografie van Liszt door Sitwell, des te meer ik lees over zijn romances en ontmoetingen met andere componisten en musici, zijn dweperij met religie, maar weinig tot niets over zijn dagelijkse leven. Tot hij met zijn vriendin in Geneve gaat wonen en George Sand komt logeren. Ze gaan picknicken bij Chamonix en brassen tot in de late uurtjes met veel flessen champagne in het hotel, zingen liederen bij een krakkemikkige piano en hebben luidruchtig plezier. De andere gasten - vooral de Engelse dames - houden hun voile voor hun gezichten als het onbeschaamde gezelschap voorbijkomt. George Sand en haar sigaar! Shocking!
Champagne zal in die tijd, 1835, nog wel vooral zoet zijn geweest.

Labels:

zaterdag, juni 19, 2010

Liszt Driedaagse



Gisteravond begon de Liszt-driedaagse in Zaltbommel. Het begin moesten we helaas missen, omdat ik zelf op het podium stond. Maar vanaf vandaag zijn we erbij. Om 12.00 uur een concert op het carillon in de binnenstad, in de Gasthuiskapel. Dat zal dan moeten concurreren met de herrie van de Zaterdagse markt met draaiorgel. Of misschien leggen ze dat orgel even aan de ketting. Er volgt nog een orgelconcert in de Sint Maarten en twee recitals in de Gasthuiskapel, die dankzij het tonnetjesgewelf een fantastische akoustiek heeft. En dat allemaal omdat - naar verluid, ik kan het in de biografie van Sitwell niet vinden - omdat Liszt een paar uur in de stad heeft doorgebracht, in november 1842, toen hij de Waal afzakte op weg naar Rotterdam. Met allerlei romantische verhalen er om heen. Iedere aanleiding is natuurlijk goed. Had Liszt wat met eten? Volgens Sitwell was hij dol op kruisbessentaart. Nu, dat is niet moeilijk te maken, maar smaakvoller vind ik de crubmle, waarbij je de kruisbessen eerst stooft met wat water en suiker, dan in een ovenschaal doet en crumbledeeg erover kruimelt en in de oven laat garen. Beetje warme vanillesaus erbij. Dat is heel Engels, en dat mag ook, want Liszt roept 'Ha Kruisbessentaart' wanneer hij bij het avondeten aanschuift bij de familie voor wie hij zal optreden, ene Charles Salaman in Londen in 1824. Hij is dan 13 jaar oud en een geslaagd wonderkind.

Labels:

vrijdag, juni 18, 2010

Bloemen naast je bord


Vanavond gaan we het hebben over tafelmanieren door de eeuwen heen. Het hoe en waarom van vork en mes, bord en glas, maar ook wie zit waar en waarom, en een heel klein beetje over eten.
Leukste is dat we er dit keer een quiz bij doen met malle vragen. Heel klein beetje voel ik me dan Hyacinth Bucket (spreek uit: bouquet) maar ik bezit niet van die bloemetjesjurken en schreeuwerige hoeden en verder heb ik ook vrij weinig weg van wijlen de Queen Mum-imitaties. Al is de serie schitterend.
Vroeger lagen de bloemen gewoon los op tafel, niet in een vaas, geen bloemstuk, dat is van veel later. Staat wel vrolijk op het damast en in de rozentijd is het leuk om te doen. Wel even kijken of er geen oorwurmen in zitten, daar schrikken sommige mensen van. Leg de bloemen tevoren dus op een stuk wit keukenpapier of schud ze ondersteboven even uit. Weg beessies.
Houd er overigens rekening mee, dat sommige gasten de bloemblaadjes zullen verorberen. Neem dus beslist onbespoten bloemen!

Labels:

donderdag, juni 17, 2010

Tuinbonen


Tuinbonen vinden we heerlijk, maar dit jaar hebben we ze niet in de tuin. Bij de supermarkt lagen buitengewoon verlepte sneue tuinbonen die dan ook nog eens bijna vier euro de kilo moesten kosten. Nee dus. Op zoek naar een echte groenteboer maar. Doppen is een plezierig werkje, het binnenwerk van de peulen is fluweelzacht. Dubbeldoppen van de tuinboontjes doen we eigenlijk zelden, het bittertje van de buitenste schil stoort ons allerminst. Niet te lang koken, met een blaadje laurier en een takje rozemarijn en tijm. Opdienen met kervel, basilicum, bonenkruid en peterselie. Smaakexplosie!

Labels:

woensdag, juni 16, 2010

Stilleven


Op zoek naar illustraties bij een artikel kom ik dit prachtige stilleven tegen. Was het weer een beetje vergeten, dit tafereeltje met groente en fruit. Asperges, tuinbonen en erwten, in combinatie met een schaal fruit die alle seizoenen verbeeld. Maar de groente is wel helemaal van dit seizoen. De eerste tuinbonen en erwten heb ik al op de markt gezien, de asperges zijn er nog tot Sint Jan. Combineren zou ik ze niet, maar in drie gangen achterelkaar is het goed te doen. Je begint met een guacamole van erwtjes en munt met wat knapperig stokbrood, dan een soepje van groene asperges, en daarna tuinbonen met lamskarbonaadjes of lamsstoofvlees en tomaat.
Zo vertaal je een 18e eeuws stilleven naar een 21ste eeuws maal.

Labels:

dinsdag, juni 15, 2010

Bilzekruid


Wanneer ik in De Keuken van de Late Middeleeuwen van Ria Jansen-Sieben en Marietje van Winter op zoek ben naar specerijenmengsels valt mijn oog op een recept met hoscomsaet. Wat zou het zijn? In de verklarende woordenlijst kom ik terecht bij Bilzekruid. De Hysocyamus niger. Maar dat is toch puur gif? De pollen en zaden kwamen ook te voorschijn in Romeins Maastricht. Mij is verteld dat de Romeinse vrouwen het spul gebruikten om hun pupillen te vergroten. De Romeinen brachten de plant mee naar deze streken, hij hoort hier eigenlijk niet thuis.
In het kookboek uit de 16e eeuw wordt het zaad gebruikt om alant in te maken, je moet er wel goed voor zorgen dat het zaad uiteindelijk niet in de pot met alant en honing terecht komt, alleen even in een doekje meekoken met meer kruiderij. Het recept staat tussen de hoestdrankjes, maar ik heb begrepen dat het verdovende karakter van het bilzekruid bij kiespijn te pas kwam.

Er bestaan verschillende soorten bilzekruid, waarbij de zwarte het giftigst is en tot waanzin kan leiden. Het kruid bevat hyoscyamine, waardoor mensen het gevoel krijgen dat ze vliegen. De plant bevat ook atropine (wijde pupillen)en scopolamine.

Bilzekruid behoort tot de oude heksenkruiden gerekend en mogelijk gebruikten de priesteressen van het orakel van Delphi het. Brand je de zaadjes en snuif je de rook op, dan ga je kennelijk onduidelijke adviezen verstrekken. Tot in de 17e eeuw werd er nog bier mee op smaak gebracht. Wel wat anders dan hop of gagel.

In de middeleeuwen stond het bilzekruid in ieder geval nog in de medicijnkast vanwege de pijnstillende werking. Het kruid heet ook wel dolkruid. Het plantje staat op de rode lijst, ik ben het nog nooit bewust tegengekomen in de natuur.

Labels:

maandag, juni 14, 2010

Virusmelding


Een of andere grappenmaker heeft twee keer een virusmelding over mijn site en blog afgegeven. Google zegt dus dat mijn site besmet is. Maar de technici melden na gedegen onderzoek dat er niets aan de hand is. Dat is dus niet helemaal waar, want er is een grappenmaker die aandacht trekt door dit soort meldingen af te geven. Heeft waarschijnlijk te maken met het foodblogevent voor juni dat ik zou hosten over Vers Geplukt. Ik heb mij daarvan teruggetrokken en alle gerelateerde posts van mijn blog verwijderd, inclusief de al aangeleverde recepten. Jammer, maar dit is gewoon niet leuk meer. En zo iets moet dus wel leuk zijn en blijven! Ik ga over tot de orde van de dag en wens de anderen veel plezier.

PS: ik ga voorlopig de m ogelijkheid om te reageren blokkeren. Ook jammer, maar via mijn normale mail en linkedin blijf ik natuurlijk bereikbaar voor discussie en commentaar.

Labels:

donderdag, juni 10, 2010

citroenmelisse



Wie het eenmaal in de tuin laat woekeren raakt het nooit meer kwijt: citroenmelisse. Het is wel een leuke redelijk opschietende bodembedekker, maar hij wil meer bedekken aan bodem dan praktisch is. Tussen de tegels en stenen, de randjes tegen de schuur aan, overal groeit citroenmelisse. Ruikt heerlijk als je er op staat, of even je handen door haalt. Maar handig? Nee. Dus er wordt gerooid. Eetbaar is het spul wel, maar de mode om een paar blaadjes bij ijs of aardbei op te dissen is een beetje voorbij. Wat doe je met citroenmelisse om het woekeren tegen te gaan?
Maar weer eens bij de Verstandige Hovenier spieken. Die leert mij een tweede naam: Consilie de Greyn. Spannend, maar waar zou het op slaan? Moet uitgezocht.
Wat je er mee kunt doen? Gedestilleerd water van maken, olie of conserven en extracten. Beetje kruidendokter dus. En leuk om te weten: hang je het kruid bij de bijenkorven, dan zwermen de bijen niet uit, maar blijven ze bij hun woonplaetse.

Ook de kruidenbijbel ziet niet veel culinaire toepassingen voor dit kruid, vooral voor in de thee. Nu ja, woekeren laten dan maar.

Labels:

woensdag, juni 09, 2010

Schoolidyllen



Gisteren promoveerde Ge Vaartjes in Leiden op haar biografie van de schrijfster Top Naeff. De boeken van vrijwel alle vrouwelijke auteurs van het interbellum werden door met name de Forum-generatie denigrerend weggezet als damesromans. Was dat terecht?

Als puber verslond ik haar School-Idyllen, dat uit 1900 stamt. Die arme Jet met haar kille pleegouders. Die tragische Jet die zo prachtig zong, maar jong aan de tering overleed. Heel mooi allemaal. Maar verder las ik nooit iets van Naeff. Wie was zij?

Top Naeff (1878-1953) schreef romans en novellen. Minder bekend is dat ze ook een toonaangevend toneelcritica was, die onder meer jarenlang in De Groene Amsterdammer toneelkritieken en -essays schreef die in brede kring bewondering oogstten en respect afdwongen.

Het proefschrift Rebel en dame portretteert Top Naeff als schrijfster van meisjesboeken en proza voor volwassenen, maar bovenal als vrouw met een hevige passie voor toneel, die streed voor de belangen van de acteur en regisseur Willem Royaards, voor wie zij een geheime liefde koesterde.

Vaartjes toont aan - aldus het persbericht - dat het overgrote deel van Naeffs romans en verhalen de literaire verwerking is van haar dubbelleven, haar frustraties en de uiteindelijke acceptatie van alle tekort. Daarmee biedt deze biografie, zoals een schrijversbiografie dient te doen, een verhelderend inzicht in het oeuvre van Top Naeff.

Labels:

dinsdag, juni 08, 2010

Stichtelijk



De vroeg negentiende eeuwse dagboekschrijvers en tekenaars van het dagelijks leven hadden grote voorbeelden. De focus op het leven van alle dag zien we al bij Hieronymus van Alphen (Jantje zag eens pruimen hangen) en Jacob Cats (Gerimpeld vel en vrijt niet wel). Bij deze heren zit meestal iets belerends en stichtends in de boodschap. Zij prediken de deugdzaamheid nadrukkelijk. Daar hebben de 19e eeuwers geen last van.
De afbeelding met vers illustreren het moralistische karakter van Cats:
rozen verwelken, de minnaars (ver)gaan.

Labels:

maandag, juni 07, 2010

Dagelijks maal



Christiaan Andriessen tekende zichzelf aan de dagelijkse maaltijd. Het smaakte best. Wat? Daar kunnen we naar gissen. Maar wel een educated guess. Zijn tijdgenoot Jan Pijnappel tekende niet, maar schreef een dagboek in het eerste decennium van de 19e eeuw, dezelfde periode als Andriessen en De Vos tekenden. Zo schrijft hij in januari 1806:

Wij eten ten 2 uur snijboonen, met worst en koud vleesch; ze smaaken me thans nogal beeter dan gewoonlijk, schoon ik geen groot liefhebber van dit eeten ben.


Aan het eind van de dag eet de dan veertienjarige Jan nog een wentelteefje en een boterham met kaas terwijl hij zich verdiept in het Leesboek van La Fontaine voor Vrouwen en Jongedochters.
Jan Pijnappel was de zoon van een Amsterdamse koopman in kaas en boter. Als goed burger vermaakte hij zich met muziek, toneel en kunst. Net als Jacob de Vos en Christiaan Andriessen. Andriessen hing het meest de kunstenaar uit, maar verdiende daar weinig waardering mee. Hij werkte bij zijn vader in de zaak: schilderen van behang en toneeldecoraties.

Labels:

zondag, juni 06, 2010

Vermicelli uit Genua



Nog een chroniqueur in beeld van het vroege 19e eeuwse dagelijkse leven was Christiaan Andriessen.

Eigenlijk heeft hij niet veel op met eten. Geen groentemarkt of visrokerij, geen feestmaal of wafelkraam. Hooguit wat theekopjes en een flesje wijn. Veel muziek en natuurlijk nog meer tekenlessen. Heel informatief is deze prent, waarbij een zending goederen uit Genua wordt bekeken.

26 augustus 1805, De Genuasche kisten met de macaroni, vermichelli, Parmesaankaas, zijden konsten, etc.


Het bijschrift bij dit dagboekblad luidt: De familie Andriessen bekijkt een zending met voedingsmiddelen en andere zaken uit Italie. Deze tekening is tot op heden de oudst bekende vermelding van macaroni en vermicelli in Nederland.

Is dat zo? Geen kookboek die dat eerder meldt? Jawel hoor. Kijk maar bij mw. Marselis. Die heft in 1790 al een Vermicellipodding opgeschreven, en ook een recept om macaronie te maaken.
De podding is zoet, maar de macaroni is hartig, met Parmezaanse kaas. Laagje gekookte macaroni, laagje boter, laagje kaas, herhalen tot de schotel vol is. Van onder en boven vuur.
Ik zou er de andere 18e eeuwse kookboeken op moeten doorvlossen, maar het ligt voor de hand dat er meer meldingen zijn.


Collectie: Stadsarchief Amsterdam, collectie van Eeghen:
http://beeldbank.amsterdam.nl/index.php?&option=com_result&Itemid=9&e5e55c7b130d5340ae830e9829b579de=b8505b3a3c32e66e41d6db4dc34a9639&co=553135

Labels:

zaterdag, juni 05, 2010

Huiselijke tafereeltjes



Gisteren was er een bijeenkomst van het Egodocumentenclubje in Amsterdam. We werden bijgepraat over de rol en de functie van het (zelf)beeld. Veel plaatjes gezien dus. Waaronder die ontzettend vertederende tekeningen die Jacob de Vos aan het begin van de 19e eeuw van zijn zoontjes maakte. Hun spel, hun belevenissen, hun wereld. Met zoveel liefde en humor. Zijn vrijwel dagelijkse tekeningen van het huiselijk leven van de familie De Vos gaan soms vergezeld van een versje, soms van een enkele opmerking. Grappig en speels.
Wat heeft hij van zijn kinderen genoten.

Jacob volgde eind 18e eeuw een opleiding bij het departement der tekenkunde van de Maatschappij Felix Meritis. Zijn fortuin maakte hij in de handel. Hij kleedde zich naar de laatste Franse mode. Als goede Bataaf volgde hij de trend te genieten van het huiselijk leven. Hij tekent zijn kinderen in de periode 1803-1808, wanneer het na een woelige tijd wat rustiger is in de stad.
Eveline Koolhaas-Grosfeld maakte er een paar jaar geleden een prachtig boek van: Vader en zoons, Jacob de Vos en de getekende dagboekjes voor zijn kinderen. Het is nog te krijgen.

Labels:

donderdag, juni 03, 2010

Vogelleven



Met een wilde tuin in een landelijk dorp is er volop gelegenheid voor vogels om zich te nestelen. De ooievaars hebben inmiddels een jong, tuinfluiters en zwartkopjes zingen om het hardst, een nestje staartmezen leert vliegen. Een nestvliedertje pimpelmees konden we nog van het asfalt plukken, waar het zijn buikje zat te warmen. De ouders fladderden gelukkig in de buurt en brachten het kind naar een veilig plaatsje. Maar of dat afdoende is? Hoe idyllisch ook, een vliedertje is meestal kattenvoer.

De fazantenhennen met hun jongen zijn naar de boomgaard en het weiland verderop verhuisd. We zien en horen dit jaar echter weinig spechten. Wel wat groene, maar daar blijft het bij. De vliegenvanger hebben we nog niet gespot, wel een witte kwikstaart. Er zit een paartje smellekens, er vloog vanochtend een slechtvalk over. En er is een bemoedigend aantal puttertjes.

Voor de vogelminnende mens: Zondag 13 juni, om half twee, Koos Dijksterhuis over drieteenstrandlopers en vogelbescherming in Kasteel Groeneveld. Kom luisteren!
www.kasteelgroeneveld.nl Op de site is meer informatie te vinden.

Labels:

dinsdag, juni 01, 2010

Asperge Allerlei - vervolg



Zelf asperges kweken is een kwestie van geduld en de goede grond. Hier op de klei moet je er niet aan beginnen, maar wie er aardigheid in heeft kan op zandgrond aan de gang. Kost een paar jaar, maar dan kun je oogsten. Greppels graven, bedden maken, zaaien of stekken planten. De stekken plant je op rij in de lengte, asperges wortelen horizontaal. En ze willen mest, veel mest. Van paard, of - zoals de Verstandige Hovenier zegt: mist van menschen.

Twee jaar na het planten zijn de asperges geschikt voor de oogst. Kan wel na het eerste jaar, maar dan zijn de planten eigenlijk nog te zwak. De asperges zijn natuurlijk niet allemaal tegelijk oogstbaar, af en toe steekt er een zijn kopje op. Wil je een maaltje bij elkaar sprokkelen van de eigen rij, dan kun je een potje omgekeerd boven de kopjes zetten. Zo blijven ze blank.

Asperges oogst je gewoonlijk vanaf half april, maar is het erg koud, dan kan dat wel eens pas in mei gebeuren. Traditiegetrouw stopt de oogst met Sint Jan.
Na den langsten dag mag men niet meer inoogsten, tenzij van een bed dat opgeruimd wordt, aldus Turkenburg. Die vindt als zaadverkoper dat je ook best zelf asperges kunt zaaien. Kost het nog een jaartje meer. Je kunt ook voor snelle oogst meteen tweejarige planten aanschaffen. Die met breede neuzen zijn het beste.

Labels: