woensdag, september 29, 2010

Arm met aardappelen


Aan het begin van de 19e eeuw klaagde en soldaat dat hij van zijn soldij niet meer kon rondkomen, zo slecht ging het met ons land. Een stuiver in die tijd heeft ongeveer een koopkrachtwaarde van 33 eurocent nu. Een beetje ingekort:

Acht hoofden in mijn huis, dat maakt geen klein bedrag,
Tien duiten en een penning, voor ieder man per dag,
Drie duiten op een maal, zal ieder mensch verteren.
Dat is een schelling daags, ik hoef niet vet te smeeren.
Drie stuivers 's morgens, voor koffy, brood en smout.
(...)
Het brood is heden duur, voor ons een groot verdriet,
Vraagt kind om een stuk brood, het is er somtijds niet (...)
Hangijzer, koekepan, gebruik ik niet gewis,
Wyl ik niet meer en weet, wat pannekoeken is,
Die aardappelen heeft, die mag wel zyn te vreden,
Schoon ik ze menigmaal maar droog stoot in mijn leden,
Want voor een mensch als ik, is spek of vleesch of visch
Thans niet meer krygbaar, wyl er te hoge prys op is.


Hier een recept dat bij ons vaak als Stipknol door het leven gaat, maar in Wales als

Punch-nep

Kook evenveel aardappelen als witte rapen, maar wel apart. Stamp ze beide met boter en voeg de massa dan samen. Stevig doorroeren en flink van zout en peper voorzien. Doe de puree in een warme ovenschotel en prik er gaatjes in. Hierin kunt u warme room, of gesmolten boter gieten. Rasp er voor het opdienen nootmuskaat over.

Labels:

1 reacties:

Anonymous Anoniem zei...

Als je bovenstaand gedicht leest en je echt(!) probeert in te leven in de levensomstandigheden van toen en dan de krant van nu eens openslaat en leest hoe druk de mensen zich maken over etenswijzen (van anderen). Wat gaat er dan door een gemiddelde mens die bovenstaand gedichtje heeft gelezen en begrepen heen? Toch een beetje schaamte?

29 september 2010 om 07:36  

Een reactie plaatsen

Aanmelden bij Reacties plaatsen [Atom]

<< Homepage